Kistemaker NetWerk

Boeken » Groei en Bloei van de geschiedenis van Andijk » Pagina 11-12

2. Kerstening

Wat is er in de volgende eeuwen gebeurd? Zijn hier Romeinen geweest? Niet onmogelijk, hun bezetting duurde vierhonderd jaar. Zo ver bekend, hebben ze hier geen sporen nagelaten. Kwamen hier dan Franken? Waarschijnlijk ook niet. Langs de hele kust, van Denemarken tot aan Vlaanderen woonden Friezen en de Friese koningen wisten de Franken buiten hun grenzen te houden. Kwamen hier Noormannen? Ook niet, er was hier toch niet veel te halen. Steden waren er nog niet en rijke kloosters evenmin.

Luisterend naar de radio, wordt ergens in Engeland een dienst uitgezonden. Het klinkt aangenaam, de Anglicaanse liturgie is mooi, de preken, de gebeden, de hymnen, oud en modern, het is alles plechtig en goed om naar te luisteren. De priester zegt het credo: ‘I believe in God’ en de gemeente zegt het hem na: ‘I believe in God’. Het ontroert: twaalf eeuwen geleden is dat hier ook zo geweest. Hier, in Wervershoof zong een priester de hymnen, bad de gebeden, zei het credo voor: ‘Ek gelobe in Got’ en de kleine schare gelovigen zei het hem na: ‘Ek gelobe in Got’. Het is een ontroerende gedachte en opeens zien wij het voor ons; een klein altaar, een priester in witte kledij, een kleine groep aandachtige toehoorders, niet vele rijken, niet vele edelen. Ruige mannen in bruine kleren, vrouwen met hoofddoeken, enkele kinderen, die tesamen datzelfde belijden: ‘Ek gelobe in Got’.

± 700: Engelse monniken brengen het Christendom

± 700: Engelse monniken brengen het Christendom

690 na Christus, een priesterhuis gewijd te Wervershoof Is het waar? Is het werkelijk zo gebeurd? Is het slechts een legende? Het doet er niet toe, het feit verandert niet, hier neemt een volk een nieuw geloof aan. Een licht, dat schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet begrepen.

Op de achtergrond van dit simpel gebeuren woedt een geweldige strijd, twee machtige rijken bekampen elkaar op leven en dood! Friezen vechten zich vrij van de opdringende Franken. Koningen voeren deze strijd: Pepijn van Herstal voor de Franken en Radbout voor de Friezen.

'Want Puppijn van Herstelle geboren
Die tsweert van Vranckerik droeg,
Hi had oorloghe genoeg,
Ieghen Robode, Gots viant’.

Schreef de monnik Melis Stoke.
Dit is geen strijd van vandaag of gisteren, reeds jarenlang staan Franken en Friezen tegen over elkander. Met wisselend succes voeren de koningen hun heirscharen ten krijg. Nu eens wint de Fries, dan weer de Frank.
Reeds zestig jaar terug heeft Dagobert, koning der Franken, Utrecht veroverd en de priesters hebben daar een kapel gesticht ‘ter eere Godes ende sinte Martinus’. Maar de stoute Friezen hebben de stad herwonnen en de kapel grondig verwoest. Geen teken des kruises in het vrije Friesland! Maar opnieuw zijn de Franken in menigte komen opzetten, weer hebben ze Utrecht genomen en de kruisbanier geplant.

In meer vreedzame jaren is Utrecht het centrale punt. Van daaruit bereizen de zendelingen het Friese land. Geen Franken zijn het, maar Angelsaksen, stamverwant aan de Friezen. Geleerde mannen van edele bloede, in ontwikkeling ver verheven boven het ruige ongeletterde volk. Och, het is ook hun doel niet om de nieuwe leer eerst en vooral aan het volk te brengen. Ze prediken meest voor huns gelijken, de overheden. Als die gewonnen zijn, volgt immers het volk van zelf! Zo trekken dus de Engelse predikers het Friese land binnen. Willibrord, Wikberth, Wilfrith, Winfrith en Werenfrith, het zijn Angelsaksische namen en ieder voor zich hebben ze een bekende klank in de geschiedenis van de kerstening van ons land. Volgens overlevering was het Werenfrith, die in West-Friesland predikte en naar hem zou dan Wervershoof ‘Werenfridushove’ heten. Heel aardig gevonden! Hoe lang Werenfridus hier arbeidde, is niet bekend. Niet als Westfriese zendeling, maar als 'apostel van Gelderland’ leeft zijn nagedachtenis voort. In Elst in de Betuwe ligt hij begraven en de snode geuzen zouden hier zijn praalgraf deerlijk hebben geschonden. Sanctus Werenfridus Episcopus, heilige bisschop Werenfried. Even zien wij hem nog, in purper gewaad, met mijter en kromstaf, de nimbus glorierend om zijn edel hoofd.


© 2001-2019 | Kistemaker NetWerk | Sitemap | Contact

Westfries Genootschap