Kistemaker NetWerk

Religie » 50 jaar Rooms-Katholieke Parochie (1948-1998) » Pagina 1-2

De Rooms-Katholieke kerk

Voor de hervorming, d.w.z. voor 1600 was alles Katholiek. Waar de Andijkers toen kerkten, is niet bekend. Waarschijnlijk in een van de Streekdorpen, waartoe ze bannegewijs behoorden, of in Wervershoof, dat voor de meeste het dichtste bij was. Na de Hervorming, vooral na de Synode van Dordrecht in 1618, waait er een andere wind. 'Roomsen' mogen in geen enkele regering zitting hebben en in het openbaar kerken is hen verboden. Weldra hebben ze drie schuilkerkjes. Een op de Lagedijk en twee op Andijk, nl. op de Bangert (oude woning Piet Swart t.p.v. Dijkweg 400) en in de Bakkershoek (Jan Dekker de post, daarvoor timmerwinkel Ellerbroek, t.p.v. Dijkweg 245). Dat gaat zo bijna twee eeuwen door. Van 1754 tot 1765 is Josephus Maju pastoor te Wervershoof. Tijdens zijn bediening wordt de 'sluipkerk' in de Bangert hersteld en vergroot, nadat er 40 jaar niets aan gedaan is. Van 1781 tot 1795 is Johannes Culeman pastoor. Hij stelt voor: de drie schuilkerken op te heffen en een grote kerk midden in Wervershoof te bouwen.

Wervershoof is nu het centrum, maar voor de Rooms-Katholieken in de Bakkershoek betekent dat bijna een uur lopen, 'per pedes apostolorum'.
Eigen gerij hebben maar weinigen. Tot na 1900 wonen er nog Katholieken in de Bakkershoek, maar geleidelijk trekken zij weg naar het Westen, naar de Bangert, dichter bij hun kerk.

De Andijker bevolking had zich bij de beslissing van 1805 van een centrale katholieke kerk in het dorp Wervershoof wat gemakkelijker neergelegd dan die van Onderdijk. Toch bleef ook onder deze mensen van de oude wijk Bangert het verlangen levendig naar een eigen kerkgelegenheid. De overheid zelf erkende de redelijkheid van deze verlan-gens en toen men in 1873 wilde proberen om in Onderdijk een eigen parochie te krijgen, schreef Mgr. G. Wilmer de bisschop van Haarlem het volgende. 'Ook te Andijk, zegt men, zou men zoiets willen beproeven. De meening is zeker goed te prijzen maar de middelen moeten ook niet ontbreken.' (archief Bisdom Haarlem, Uitgaande stukken 14 sept. 1873). Maar men had de activiteit van Andijk wat al te hoog aangeslagen. De gehele onverkwikkelijke strijd tussen Wervershoof en Onderdijk met als inzet eigen zelfstandigheid, ging aan de bevolking van Andijk voorbij.

In 1860 wordt Wervershoof de parochie van Sint Werenfridus. Reeds in 1862 wordt de kerk alweer 'bouwvallig en te klein' gevonden. De nieuwe pastoor van Maasland wil een nieuwe kerk en die komt er! In 15 maanden is, dankzij het gunstige weer, de kerk gereed en wordt op 28 juli 1875 ingewijd. Het feest wordt met een groot vuurwerk besloten. Voor de Katholieken van Andijk is dit bijna 75 jaar hun kerk.

Toen de kwestie voor Onderdijk door Haarlem uitgemaakt was, probeerden de kerkmeesters van Wervershoof de zaak in eigen hand te houden en zelf een oplossing voor Andijk te zoeken. Als hier Haarlem ook aan te pas zou moeten komen en het bisdom zou ook dit deel zonder meer van de parochie afsnijden, dan zou Wervershoof geen voldoende levenskansen hebben. Dat men in het kerkbestuur van Wervershoof zo redeneerde, blijkt uit het verslag van 12 juni 1918. De pastoor had aan de vergadering medegedeeld dat Onder-dijk een zelfstandige parochie zou worden. Hij was diep teleurgesteld om deze beslissing en verwachtte een sterke teruggang op godsdienstig en financieel vlak in de eigen parochie. In één adem sprak hij verder over een hulpkerk in Andijk: hij scheen daardoor te willen zeggen: laten wij, als we er zonder kleerscheuren af willen komen, het bisdom en de Andijkers voor zijn. Er is zelfs sprake geweest van het oprichten van een hulpkerk ten tijde van de aanleg van de proefpolder. Door pastoor P. Bonnet (1932-1935) uit Wervershoof werd echter een eerste aanzet gegeven naar een zelfstandige parochie Andijk, zoals uit het volgende blijkt.


© 2001-2019 | Kistemaker NetWerk | Sitemap | Contact

Westfries Genootschap