Kistemaker

Thuis » Weekblad "De Andijker" » 20 augustus 1955

Vakantietijd

door J. H. Kaastra

We zitten momenteel volop in de vacantie-tijd.

Vele Andijkers trekken er op uit en ze doen dat op verschillende wijze. Familie wordt bezocht, of men trekt er op uit om de mooie streken van ons land of daarbuiten te bezoeken. Er wordt volop, genoten van de „andere” omgeving dan waarin men dagelijks verkeert. Het andere, het vreemde trekt. Er zit ongetwijfeld een beste kant aan die vacantie. Men verruimt de blik en leert andere provincies, andere landen en andere volken kennen en vele vriendschapsbanden worden gesmeed. Er wordt over geschreven en gesproken.

Ook ons eigen dorp en het gewest echter, delen in de tijdelijke uitwisseling. Ook hier komen vacantiegangers en ook hier is toerisme. Het is ook voor ons van belang te weten hoe die vreemde, die andere over onze omgeving denkt. Kunnen wij met vreugde gasten ontvangen?

Deze vraag kan gelukkig bevestigend worden beantwoord; want voor wat ons persoonlijk betreft, doet het altijd deugd wanneer wij van onze gasten, en dat zijn er jaarlijks heel wat, steeds weer vernemen, dat ze het prettig vonden hier te zijn. Velen zijn onder de bekoring gekomen van het Westfriese landschap en van ons dorp.

Wordt Andijk werkelijk mooier? Hierover wordt weleens (en dan natuurlijk door onze eigen mensen) smadelijk gesproken. Maar er zijn nu eenmaal dikhuiden die het mooie niet zien, of niet willen zien. Onherroepelijk echter, is Andijk mooier geworden!

Maar allereerst eens een wandeling of fietstochtje langs de nieuwe weg; Stormweg; Kleingouw, Horn, Knokkel en Oosterweg en doe dat eens in de prille morgenuren. Wat een bekoring geeft_ons dit. En wat een vooruitgang daar in de Bangert, met de vele nieuwe en moderne bedrijfswoningen en schuren. En overal die kleurige tuintjes, vol met goudsbloemen, anjers en rozen. Een lust voor het oog.

Voorbij de Stormweg onze wegbeplanting, met op de achtergrond de hoog-opgaande bomen. De beplanting zelf geeft een grote mate variatie, die voor elke tijd van het jaar z'n verrassingen oplevert. Van voorjaar tot in de zomer hebben we o.m. de rijk bloeiende forsythia of goudwinde, de prunus en de meidoorn, tot de oranje-lijsterbes. En in de herfst, de witte trossen van het radijsboompje, de zwarte van de ligistrum en de mooie vruchtjes van de euonymus of kardinaalsmuts toe. En dan die aardige groepjes witte berken. En wilt u vergezichten over het polderland, dan geven de doorkijkers op de bruggen daarvoor ruimschoots ge-

--- Tekst weggevallen ---

langs de nieuwe weg geeft gelegenheid te over om tot de overtuiging- te komen, dat Andijk steeds mooier wordt!

Is uw oog niet gevallen op gebouw Cultura, met daar achter het Gemeentelijke Sportterrein? Het eerste is zowel architectonisch als cultureel, een sierraad voor onze gemeente en over het tweede kunt u pas goed oordelen, wanneer er grote sportevenementen zijn zoals b.v. in de voorbije maand Juli van dit jaar, toen het grote Westfriese Turnfeest er werd gehouden. Verder wandelende vindt men op het Kleingouw en schuin tegenover het Raadhuis, het mooie gebouw van „Het Witte Kruis” met de zo fraaie tuinaanleg; 't gebouw van de Boerenleenbank, dat in de bouwtrant welhaast de soliditeit van de bank zelf symboliseert. Op het kruispunt: Horn-Dijkgraaf Grootweg, is de moderne bouw van de Chr. Landbouwhtuishoudschool, met daarvoor het sierlijke monument dat de „onderduikers” die hier verbleven, aan de gemeente hebben geschonken. 't Is één, der mooiste punten van onze zo uitgestrekte gemeente. Aan de Dijkgraaf Grootweg vindt u de trots van Andijk, het gebouwencomplex van de Coöp. Vereniging „Akkerbouw”; het hypermoderne Koelhuis, strak van lijn doch als bedrijfsgebouw iets, dat aller bewondering heeft.

Onze tocht vervolgende kan het wel niet anders of we blijven even staan in de Horn waar de vergezichten en doorkijkjes bij de beide putten beslist boeien, terwijl ook het Hornpad en De Weed het zo mooi doen, door de grote bloemenpracht van de vele één- en méérjarige bloemen voor de zaadteelt. Wat komen ze vooral dit jaar weer bijzonder uit, die velden met prachtige mengsels van nemesia, leeuwenbekken, viooltjes, papavers en van de overjarige riddersporen en lupinen. Met nog heel veel andere soorten, zijn ze waarlijk een lust voor het oog. Doch ook het uiterste Oosten is niet van natuurschoon gespeend. De wegbeplanting is er buitengewoon aardig door de omhoog schietende stamboomgroepjes en de brede grasband. Bovendien houden hier de karakteristieke Noordhollandse boerderijen met het hoge geboomte, de aandacht van een ieder gevangen. En wie volledige rust wil genieten, moet eens het Kerkeveld inwandelen. Ook hier zijn er de vele bloemenvelden die het oog bekoren. Er is een grote verscheidenheid en men heeft er boven-dien een ruim gezicht op Enkhuizen en Wervershoof.

'n Hele wandeling zult u zeggen. Inderdaad! En 'n eenvoudige „rustbank” hier en daar in de wegbeplanting, zou gerust wel aftrek vinden en geen overtollige luxe zijn. Wie weet echter nog hoe......

Naar ons uitgangspunt terugkerende, nemen we nu de Dijkweg.

Onwillekeurig trekt de hoge dijk ons de hier en daar aangebrachte stenen trappen, noden tot beklimmen er van. Wat een wijds gezicht daar bovenop de dijk; vooral voor de vreemdeling. Aan de ene kant het wijde en ruime polderland, met aan de einder Enkhuizen en de Streekdorpen en aan de andere kant de vroegere Zuiderzee; nu IJselmeer. Soms is het water kalm en zacht-rimpelend, met hier en daar een vissersboot; maar soms ook woest en met witte schuimkoppen, net als voorheen: Ja, die dijk trekt onze logé's telkens weer. Men moet er op mooie stille avonden eens een poosje gaan zitten. Overal ziet men de lichtjes van de vele vissersboten en het ge-

--- Tekst weggevallen ---

ver in de polder. Het IJselrneer is vooral in mooie zomers voor de jeugd een bron van genot. Zwemmen in het IJselmeer is heerlijk en ook daarom zijn onze gasten zo graag op Andijk.

De Dijkweg heeft veel van het pittoreske van vroeger verloren en de vele bruggetjes en onderpaadjes van voorheen, zijn er niet meer. De dijkgracht is verdwenen en er is een weg gekomen, die zich heeft moeten aanpassen bij het moderne verkeer. De omnibus en het bootje zijn eveneens verdwenen. en hebben hun plaats in het leven van alle dag moeten afstaan aan de „N.A.C.O.”, met z'n prima verbindingen. Men kan ieder uur naar Hoorn en om de twee uur naar Enkhuizen. De dijkweg heeft veel verandering ondergaan. Steeds meer krotwoningen verdwenen en nog worden jaarlijks verscheidene opgeruimd. De woningen en de winkels langs de Dijkweg, hebben een beter aanzien gekregen. Neem b.v. café Schotsman. Als we halverwege onze wandeling toch even willen uitblazen en een frisse dronk willen gebruiken, dan kan het dáár. Je kent „Peet Troin” helemaal niet meer terug! Uitgerust wandelen we dan weer verder (zo mogelijk bovendijk), tot voorbij de Kathoek. Al heel spoedig zal de fraaie en stijlvolle Geref. Kerk aan de MiddenWeg onze aandacht trekken en met de even fraaie pastorie vormt ze een prachtig geheel. De koster en z'n vrouw wonen samen in de toren. Een kijkje in het imposante gebouw en een bezoek aan de toren, is de vreemdeling altijd gegund. Koster Koen wil het u altijd laten zien en er komen jaarlijks héél wat vreemdelingen bij hem op bezoek. Als u de koster tijdig een boodschap stuurt dat u met een klein gezelschap komt, kan hij zorgen dat ook een organist aanwezig is, zodat u het prachtige kerkorgel kunt beluisteren. Bij het Chr. Verenigingscentrum, (voorheen café „De Meiboom”) heeft men heldere witte tafeltjes en stoelen buiten gezet. Ook daar is het goed rusten. De Bakkershoek, vroeger één van de mooiste gedeelten van de Dijkweg, is nu wel het lelijkste; doch de tijd zal raad schaffen. Bovendien krijgen we dan aan de buitenkant al heel gauw het gezicht op de Proefpolder, eertijds de leerschool voor het grote inpolderingswerk namelijk, de droogmaking van de Zuiderzee. Heel de wereld weet er van en heeft er respect voor. De proefpolder is een hoekje van circa 40 ha, doch ze is voor het grote werk van heel veel betekenis geweest!. In ons hart zijn wij Andijkers, toch wel een tikkeltje trots op dat proefpoldertje! En weet u, dat er zoveel buitenlanders naar komen kijken? Koster Koen ontvangt ze in de kerk en hoort er vaak over spreken en anders zal de heer Wiersma van „Het Grootslag” het u wel vertellen. Voor we onze wandeling eindigen, mogen we toch een bezoek aan het Gemaal zeker niet vergeten. Er zijn daar bijzonderheden te zien en de vreemdeling kan maar niet begrijpen, dat wij hier zo'n stuk beneden de waterspiegel kunnen leven en werken. Hoe laag we hier zitten zal de heer Wiersma u duidelijk laten zien, dus dit bezoek mag niemand overslaan!

Na dit bezoek vervolgen we onze weg en we bevinden ons plotseling in het oudste deel van Andijk. We verlaten de dijk en staan voor de oude pittoreske Buurtjeskerk van 1667. 't Lijkt wel of de eeuwen hier hebben stilgestaan, zulk een rust gaat er uit van dit aardige stukje oud-Andijk. Natuurlijk wandelen we even door naar

--- Tekst weggevallen ---

nog. Langs de Dijkweg komt men in de Krimpen. Het oude café is er niet meer. Men heeft afgebroken en verbouwd en zo is het nu een R.K. Kerk geworden. Ga er even binnen. 't Is wel geen imposant gebouw, doch het is zeer stijlvol en stemmig. De bevolkingsgroep van dit deel van Andijk heeft sinds enkele jaren een eigen parochie en ze zijn er erg blij mee. Op de Bangert is de eerste R.K. school in aanbouw en al bijna klaar. Ook een pracht gebouw, met veel licht. En dan staan we voor het Sarto theater, dat er van buiten wat somber uitziet, doch van binnen uiterst modern is en aan alle eisen voldoet. 't Is een cultureel centrum voor de Katholieken, waarop deze bevolkingsgroep met recht trots kan zijn.

De tocht is ten einde. Veel moois bleef nog onbesproken, doch mogelijk komen we hierop nog weleens nader terug. Want als import-Andijker die hier sinds 1916 woont, durf ik het aan om als mijn eerlijke mening te zeggen, dat Andijk beslist mooier is geworden. Als men het maar wil zien! Ook wij hebben de logeergasten iets heel moois aan te bieden en wij zijn trots op Andijk!

Een volgende maal hopen we eens iets te schrijven over West Friesland.

De Andijker, 1956.

© 2001-2021 | Sitemap | Contact

Westfries Genootschap